Wakker in een vreemde wereld

In plaats van alle dingen die in mijn agenda stonden, lag ik opeens in het ziekenhuis, werd mijn wereld klein en lag ik even letterlijk en figuurlijk naast de snelweg.
Vorige week zaterdagnacht vroeg naar bed, na een heftige vrijdag en nog voor het echte einde van de wedstrijd Nederland Schotland. Rond middernacht weer wakker met een pijn die in de loop van de nacht steeds ondragelijker werd.
Na uren rondjes lopen, kruik, wrijven, spugen, aaien, douchen en krampen, gaf ik het op en de regie over aan mijn dochter (Marco was met de jongste een weekendje weg) die zeer kordaat de dokter belde. Nee ze kan nergens zelf meer naar toe, u moet komen. Binnen een half uur stond de ambulance voor de deur en werd ik afgevoerd. Het beeld van een nachtelijke ambulance voor je deur op de stoep en die krampende dame in roze ochtendjas met wilde natgedouchte haren zal ik niet snel kwijtraken. Dochterlief en ik waren het er in het ziekenhuis al snel over eens dat ik zo een verward opgebrachte junk had kunnen zijn, sexy is heel wat anders.
Zelf was ik eigenlijk al kwijt in een wonderlijke waas en stroom van pijn en heb maar vage herinneringen aan de rit en wat daarna kwam alhoewel ik nog wel weet dat ik de ambulancebroeder toevoegde dat ik hem 100 keer liever vond dan de dienstdoende dokter en dat alleen omdat hij mijn gezicht afveegde en Naar hè zei. Dappere Dodo dochter bleef uren naast het bed op de Eerste Hulp, veel meer dan is wel saai voor je en vele malen au, grom en gal kwam er bij mij niet uit.
Vanuit de verte weet ik dat de pijnstilling uiteindelijk gelukt is, ik opgenomen werd en op een zaal terecht kwam en dat mijn galblaas de boosdoener bleek. Na een dag nuchter, foto's, een echo en weer een pijnlijke doorwaakte nacht, riep het cordon rond mijn bed maandagochtend vroeg dat mijn galblaas er uit moest en wel bijvoorkeur nog die dag.
En dan mag je als grote zelfstandige meid van 45 klein en met pijn in een bedje zelfstandig ja doet u maar zeggen en wachten op wat komen gaat.
Nog steeds vanachter het gordijntje tussen mij en het echte leven heb ik braaf afspraken afgebeld, nog aangeboden handtekeningen te zetten onder een verslag wat de deur uit moest en gesprekken gevoerd die ik me niet meer kan herinneren. Een bizarre ervaring om jezelf zo kwijt te zijn.
De galblaas was ik op dat moment liever kwijt dan rijk maar het gegeven dat ik me daarvoor over moest gaan geven aan de narcose net de druppel die mijn emmer niet meer dragen wilde. Gelukkig kwam ik aan de andere kant van de narcose weer heelhuids terug, alhoewel er op dat heelhuids vooralsnog nog wel wat af te dingen valt: kijkoperatie kon niet meer vanwege te ontstoken met naast vier subtiele kijkgaatjes een stevige jaap als resultaat. Mag de pret niet drukken, ik ben er nog en ze hebben me dan toch maar (mooi) gefikst.
Gewikkeld in morfine, overladen met lief en trouw bezoek, aangevoerd door dochterlief, begon een ziekenhuiswereldweekje dat eigenlijk een apart stukje rechtvaardigt.
Ondertussen ben ik weer thuis en is de voorlopige conclusie dat ik zonder galblaas vooralsnog wat beroerd loop, maar opeens allerlei daadkrachtige besluiten neem die al een tijdje aan het sudderen waren. Je bewust zijn van dat het zomaar opeens even heel erg anders kan lopen, heeft daar vast mee te maken.
Woensdag 08 April 2009 at 11:20 pm vijf reacties
Trackback link:
Zet Javascript aan om een Trackback URL te genereren